Trilogie ( Erich Maria Remarque ) westelijk front weg terug

Resultaten
Stuur email Stuur deze advertentie door

Prijs

t.e.a.b
Bieden

Conditie

Gebruikt

Beschrijving

Trilogie ( Erich Maria Remarque ) westelijk front weg terug 


Weg terug :

Gevoelige, bitterzoete roman tegen het decor van de Eerste Wereldoorlog in Vlaanderen en een klein Duits stadje vlak daarna. De Slag om de Kemmelberg, die overigens niet tot een Duitse doorbraak naar de kust leidde, eiste meer dan vijfduizend levens. Het eerste stuk van het boek speelt in de loopgraven, het tweede tijdens de vrede. Remarque laat zien hoe het leven aan het front een mens verandert, en hoe hulpeloos die veranderde mens is als het vrede wordt. Het verhaal is van alle tijden: de oorlog smeedt innige vriendschappen die in vredestijd verwateren en de harde confrontatie met de dood maakt voortaan alles betekenisloos wat niet tot de absolute hoofdzaken hoort: leven, vriendschap, moed en humor. Sterke psychologische roman met een tijdloos thema en een van de warmste oorlogsboeken ooit geschreven, terecht een van de hoogtepunten van de Duitse literatuur. 


De weg terug” uit 1931 van Erich Maria Remarque (1898 – 1970) begint waar “Van het westelijk front geen nieuws” (1928) eindigt. Samen met “Drie kameraden” vormen ze een trilogie. Al zijn de hoofdpersonages in alle drie de romans verschillend. In “Van het westelijk front geen nieuws” stelt de hoofdpersoon Paul Bäumer meerdere keren de vraag hoe het zou zijn om weer terug te keren naar de gewone samenleving wanneer de oorlog over is. Het antwoord op deze vraag in “De weg terug" is er niet eentje waar je vrolijk van wordt. 


Het verhaal begint eind oktober 1918 in West-Vlaanderen aan de Duitse kant van het front. Een paar dagen hiervoor is Paul Bäumer overleden. Over zijn dood wordt niet gesproken. Hij is een van de velen die dood achterblijven in de West-Vlaamse klei. Het gerucht gaat al een aantal dagen dat ieder moment er vrede kan zijn. Ernst Birkholz en zijn kameraden zijn erg nerveus wanneer ze meer dan een kwartier geen wapengekletter horen. Vals alarm, het schieten begint weer. Wanneer een paar dagen dan toch eindelijk de wapenstilstand wordt afgekondigd en de soldaten naar huis mogen, hebben ze moeite om afscheid te nemen van het front, van de kameraden die ze daar achterlaten. Er is geen juich stemming, amper een gevoel van opluchting dat de oorlog eindelijk over is. Ze zijn allemaal angstig voor wat er nu komen gaat, angst die ze de afgelopen jaren aan het front (bijna) niet meer hebben gekend. 


Die angst is terecht. De terugtocht is chaotisch. Zo zijn er te weinig treinen om de soldaten fatsoenlijk terug naar Duitsland te brengen. Een aantal mannen sneuvelen wanneer zij van het dak van treinwagons worden gestoten door bruggen en tunnels. Bij thuiskomst in Keulen gaat iedereen zijn kant op. De ene nog nerveuzer dan de ander over wat ze thuis zullen aantreffen. Tijdens het avondeten met zijn ouders en zusjes heeft Ernst geen antwoord op de vraag: Wat heb je zoal meegemaakt daar aan het front? Na het eten gaat hij de straat op, hij mist zijn kameraden. 


Het gemis aan de kameraadschap en het niet weten hoe of wat te vertellen over de ervaringen aan het front aan gewone burgers is de rode draad door “De weg terug”. Het frontleven zit in de voormalige soldaten. Ze zijn gevormd of is het misvormd tot vechtmachines die vierentwintig uur per dag op scherp staan en alleen kunnen overleven door te vertrouwen op hun kameraden. Allen hebben een vorm van posttraumatische stressstoornis (PTSS/PTSD). Alleen dat werd in die tijd nog niet als zodanig herkend en erkend. Er is geen enkele vorm van nazorg voor deze oud-militairen. Ze moeten zelf, ieder voor zich, de weg terug in de samenleving zien te vinden. Remarque beschrijft op indruk makende wijze diverse individuele gevallen voor wie het vinden van deze weg terug in de samenleving zo goed als onmogelijk is.


De zoektochten die Remarque beschrijft zijn ook zijn zoektocht geweest, hij heeft ook aan het front gediend. Remarque kent net zo goed als de jongemannen die hij opvoert in “De weg terug” de emoties, frustraties, kameraadschap, het niet begrepen worden door burgers, maar vooral het niet onder woorden kunnen brengen wat ze doormaken. Dat het Remarque niet altijd lukt om goed onder woorden te brengen wat zijn karakters doormaken is geen kritiek op Remarque, maar nog eens een bevestiging hoe lastig, misschien wel onmogelijk, het is om dit te beschrijven. De uitspraak van de Oostenrijkse filosoof Ludwig Wittgenstein uit 1921 “Waarover men niet spreken kan, daarover moet men zwijgen” komt direct naar boven bij het lezen van “De weg terug”. 


Het lukt Remarque drie keer om wel te zeggen, uit te schreeuwen zelfs, wat hij en zijn kameraden op het hart hebben. Dit gebeurt twee keer op momenten dat Ernst en zijn kameraden een toespraak van een gezagsdrager (rector en rechter) onderbreken. De derde keer is op de kamer van Ludwig waar George en Ernst op bezoek zijn. Kort na dit bezoek snijdt Ludwig zijn polsen door en gaat George terug naar het front om zelfmoord te plegen op de plek waar hun kameraden begraven liggen. En Ernst? Die heeft last van verschrikkelijke nachtmerries en wordt alleen rustig in zijn hoofd en lichaam wanneer hij in het bos is. Tot op een dag zijn boswandeling wordt verstoord door een afdeling van de Hitlerjugend. 


In “De weg terug” kan Remarque slechts een deel van het antwoord geven op de vraag die hij stelde in “Van het westelijk front geen nieuws”. Het paradoxale is dat het deel dat (nog?) niet verwoord kan worden juist het sterkste deel van deze roman is.


Bijkomende portokosten voor de koper ( pakketpost).


Wij verzenden met DHL of DPD of Post nl ( keuze uit verzenden naar ophaalpunt of huisadres).


Ophalen is in overleg mogelijk.

Gebruiker

Naam

Wiske71

Plaats

Rijen (Noord-Brabant)

Actief sinds

13 jaar geleden
Stuur email Stuur deze advertentie door Bieden